| Uiterlijke kenmerken
|
| Volwassen vissen zijn blauwachtig tot paarsachtig bruin op de rug en wit op de onderzijde met een blauwe midlaterale band die zo'n 2,5 rij schubben breed is. De rug-, anaal- en staartvinnen zijn roodachtig kastanjebruin. Ze kunnen een maximale lengte bereiken van zo'n 10 cm, maar blijven doorgaans kleiner dan 8 cm.
|
| Huisvesting
|
|
|
| Voeding
|
|
|
| Kweek
|
|
|
| Overige bijzonderheden
|
| Melanotaenia catherinae is tot nu toe alleen gevonden op de Waigeo- en Batanta-eilanden in de Raja Ampat-groep, die direct ten westen liggen van het Vogelkop-schiereiland, West-Papoea. Ze zijn gevangen in verschillende stromen waaronder de Rabiai River, de Wai Semie River en de Wai Meniel River.
Raja Ampat, dat letterlijk vertaald “de vier koningen” betekent, is een groep eilanden die Waigeo, Batanta, Salawati en Misool omvat en is gelegen ten westen van Sorong, aan de noordwestelijke punt van het belangrijkste eiland van Nieuw-Guinea. De Raja Ampat-eilanden zijn onmiddellijk ten westen van het West-Papoea-vasteland gelegen, tussen 0° 20' en 2° 15' zuiderlengte en 129° 35' en 131° 20' oosterlengte. De archipel en de omliggende zeeën beslaan ongeveer 40.000 km2.
De eerste aquariumexemplaren werden in 1992 door Heiko Bleher geïmporteerd, waarna ze werden nagekweekt en internationaal werden verspreid.
|
|
|
|
| Taxonomische indeling
|
| Orde
| Atheriniformes
|
| Familie
| Melanotaeniidae
|
| Geslacht
| Melanotaenia
|
| Herkomst
| West Nieuw-Guinea
|
| Nederlandse naam
| Batanta Island Regenboogvis
|
| Vereisten
|
| Min. aquariumlengte
| cm
|
| Min. aantal
|
|
| Verhouding m:v
|
|
| Stroming
|
|
| Temperatuur
| 22 - 28 °C
|
| pH
|
|
| GH
|
|
| Eigenschappen
|
| Lengte
| 10 cm
|
| Waterlaag
|
|
| Synoniemen
|
|
|
| Ontdekker
|
|
|
|